LAAT DE KRENTEN IN DE PAP LIGGEN

Visie van Wil Kovács van Gemeente Rotterdam

Denk je aan veiligheid bij de gemeente Rotterdam, dan denk je aan Wil Kovács. Al 40 jaar zet hij zich in verschillende functies in voor de stad, nu als adviseur beheer ondergrond en coördinator rampen- en crisisbeheer. Voor Wil beperkt veiligheid zich niet tot elektriciteit, in de openbare ruimte van een stad is het speelveld vele malen groter.

Voorbereid

Als coördinator moet je altijd bedacht zijn op een alles ontwrichtende ramp. Dat betekent dat je veiligheid permanent op je netvlies hebt. “Ieder moment kan er van alles gebeuren, er kan een vliegtuig neerstorten in de stad, je kunt te maken krijgen met een terroristische aanslag, of er kan een warmteleiding knappen. Zo maar een greep uit wat er zou kunnen gebeuren.” En op zo’n moment wil je dat er een organisatie staat, met mensen waarvan je zeker weet dat ze tot in de puntjes weten wat er moet gebeuren.

Geoliede machine

“Op een moment van crisis zijn wij heel hiërarchisch georganiseerd, iedereen weet zijn plek en wat hij of zij moet doen. Na afloop is er ruimte voor discussie in de evaluatie, maar op het moment suprême werken we als een geoliede machine.” Dat klinkt als routinematig, volgens Kovács is het dat ook, maar niet op een manier die onveiligheid in de hand werkt. “Daar werken we ook hard aan, door goede instructies, live-oefeningen, goede communicatiemiddelen enzovoorts.”

Gedeelde verantwoordelijkheid

Een goede samenwerking met netbeheerders is van groot belang. Iedereen heeft zijn eigen verantwoordelijkheden, maar wanneer zoals een paar jaar terug een warmteleiding knapt en de stoom de koopgoot inspuit, dan ligt daar een rol voor de crisisorganisatie van de gemeente. “Dat geldt eigenlijk voor alles wat er onder de grond ligt, bij graafwerkzaamheden loop je het risico een kabel onder spanning te raken. Maar ook de invloed die een ondergrondse elektriciteitskabel heeft op het staal bovengronds heeft onze aandacht.”

Misbaar

Daar waar een kans ligt om de veiligheid te verbeteren, grijpt Wil die met beide handen aan. Een belangrijke drijfveer, die zorgt dat hij zijn werk nog steeds met veel plezier doet. “Over vijf jaar ga ik met pensioen, ik hoop echt dat ik voor die tijd misbaar ben. Dat er een groep jongeren opstaat die met hetzelfde enthousiasme aan de slag gaat met de veiligheidsthema’s die er liggen.” Wil ziet ook scherp wat er nog beter zou kunnen. “We zouden hoe we werken ondergronds naar een hoger plan kunnen tillen. Denk aan een speciale rentmeester ondergronds, met een uniforme aanpak voor heel Nederland. Dat zou de veiligheid op landelijk niveau ook ten goede komen.” Ook haalt Wil graag het beste uit mensen en teams. “Ik schroom niet om een ambitie te verkopen om een organisatie te laten bewegen. Het mooiste is als mensen boven hun eigen verwachtingen uitstijgen. Ik kijk graag vanuit de coulissen, hoe anderen stralen met het werk dat we samen bereikt hebben. Ik zeg altijd maar zo ‘het is de kunst om juist niet de krenten te willen pakken’ om zo de kwaliteit van de mensen en je organisatie te verbeteren.”


“Ieder moment kan er van alles gebeuren en op zo’n moment wil je dat er een organisatie staat”